Site search

Categories

May 2012
S M T W T F S
« Jan    
 12345
6789101112
13141516171819
20212223242526
2728293031  

Tags

Links

Dromen over je regiokennis ontwikkeling….

We hadden maandagavond 1 december een bijeenkomst van het Kennis Netwerk Veelzijdig Platteland. Daar zaten de verschillende regio’s bij elkaar om te praten over hoe de kennis in de regio kan stromen. Verschillende delen van Nederland ontwikkelen verschillende vormen: Brabant kent zijn kennisloket, Groningen heeft zijn methode van Landenkennisuitwisseling, De Veenkolonien hun werkplaats en in Midden Nederland ontstaan Regionale Innovatie Centra (RIC’s) en de Plattelandsacademie. Met elkaar zaten we als initiatiefnemers te praten over:

  • elkaar binnen regio’s helpen
  • hoe we meer samen kunnen optrekken,
  • bovenregionale agenda’s kunnen maken
  • met elkaar ook nieuwe ruimte maken binnen de (regionale), binnen kennisinstellingen en vanuit de ondernemende figuren om de kennisvragen en de langere termijn onderzoeksvragen boven tafel te krijgen.
  • nationale en Europese ‘lerende regio’s in gang kunnen zetten.

Dinsdag 2 december zaten we te praten over de Plattelandsacademie – een project waarin CAH Dronten/ Inholland Delft, LEI en Stadteland samenwerken om onderwijs en kennis bij elkaar te brengen. Belangrijke leerervaring was de ontwikkeling van het ‘slow advice’ – een term uitgevonden door Ron Methorst van de CAH. Daarin wordt uitgedrukt dat we van onderwijskennis niet te hoge of te lage verwachtingen moeten hebben: studenten in contact brengen met regiovragen of ondernemersvragen heeft een eigen specifieke inhoud. Maar daarvoor moet de regio wel een eigen ‘rijke leeromgeving ‘ maken die voor het Onderwijs interessant kan zijn. Maar dan ook doorpakken: kunnen we naar een b.v. 1000 uren contract komen waarin studenten/docenten/coördinatie uren vanuit de instellingen ingezet kunnen worden om kennisvragen uit de regio op te pakken? En: welke regio’s zijn klaar om bij elke euro onderwijs daar een eigen regio euro bij te zetten om daarmee het Kennisloket/werkplaats/regionaal innovatie centrum vorm te geven?
Op de ‘einddag’ van de Plattelandsacademie (ergens in het voorjaar) zullen we deze twee vragen voorleggen:

1. welke regio’s hebben de ‘rijke leeromgeving’ gemaakt (inclusief werkplekken, coaching, budget) om de hand richting het onderwijs te reiken?
2. welke kennisinstellingen zullen het 1000 uren contract tekenen om deze uitgestoken hand te beantwoorden (inclusief flexibele inzet van docenten/studenten, kennisbalie en onderwijsontwikkeltrajecten)?

Op 11 december wordt er al een contract getekend voor de Veenkolonien met de ‘Werkplaats’. Regio’s en kennisinstellingen: leer, imiteer, zoek en vervang, maar doe het op je eigen manier en met je eigen gemotiveerde mensen!
Weet, het zijn de slimme snelle volgers die het meeste oppakken van wat anderen pionierend hebben uitgevogeld.

Weer met de voeten in de modder

Een tijdje al niet meer geblogd. Na de enerverende Europese Eemland Conferentie (zie verslag onder www.veelzijdigplatteland.nl – klik daar even door), eerst een weekje vakantie met mijn vrouw Maaike in de Achterhoek (Ruurlo – prachtige Finse blokhut). Daarna weer terug op de boerderij om de chaos te ordenen.

Maar met de afstand kun je ook even terugblikken.
Ik vond het een bijzondere ervaring om zoveel mensen te ontmoeten uit Nederland en Europa. We hadden mensen met verschillende achtergronden: ondernemers, beleidsmakers, kennisfiguren, sociale organisaties en de conferentie was een ontmoetingsplek van die heel verschillende figuren. Meestal loop je toch in je ‘eigen kringetje’ rond, maar nu moet je soms praten met figuren met heel andere achtergrond. Sommige discussie leiders gaven ook eerst de opdracht: praat eens 5 minuten met je buurman/vrouw die je niet kent. Deze discussie leiders hadden moeite om het gesprek te stoppen, zoveel energie kwam er dan vrij.
Ik herinner me dat ik met een beleidsambtenaar uit Hongarije zat te praten, met een Amerikaanse professor, met een ondernemer uit Portugal en een vertegenwoordiger van een sociale organisatie uit Armenië. Heel verschillend, maar zeer, zeer boeiend om te horen hoe elk toch betrokken was op het platteland en elk ook de verbinding zocht met andere partijen om iets daadwerkelijk los te krijgen.
Ik vond het ook heel boeiend om contact te maken met mensen die werken op verschillende nivo’s: de OECD (mondiaal), een vertegenwoordiger uit Brussel (Europees), mensen van het ministerie of het Sociaal Cultureel Planbureau, van de Provincie en de Gemeenten. Verschillende levels, maar toch met elkaar iets gemeenschappelijk, namelijk: de instandhouding van een leefbare en werkbare regio voor de mensen van nu en volgende generaties.
Er komt veel los als je deze menselijke energie bundelt. Bijzonder was de ‘omslag’ op de Conferentie – ook in een van de ‘Stellingen van Eemland’: de initiatiefkracht ligt bij betrokken en ondernemende burgers, de overheid kan daarbij aansluiten. In een eerdere Engelstalige blog heb ik dat de ‘Spirit van Bunschoten’ genoemd in vergelijking met de ‘Spirit of Stresa’ waar het Europese Gemeenschappelijke landbouwbeleid werd vormgegeven onder leiding van Mansholt.
Het komt er nu op aan een vervolg te geven aan deze spirit. Maar dan moet je eerst weer met de voeten in de modder komen te staan – geen luchtfietserij – maar nuchter degelijk en noest bouwen met reële en realistische dingen.
Daarom eerst weer terug op de grond, met modderlaarzen achter in het natte weiland de koeien opjagen – ze lopen weer in de stal. Met modder aan de schoenen de verdere afbouw van het landschapshuis afmaken. En pas met die ervaring kunnen we de echte dingen die gedaan moeten worden onderscheiden van de neppe zaken. Meestal is 80% nep, en 20% echt. Het is een klus om die twee zaken uit elkaar te halen. Met de voeten in de modder lukt mij dat het best ……

Eemlandhoeve – 15 jaar op de ‘derde weg’ van de landbouw

Volgende week van woensdag tot vrijdag het grote feest. De voorbereidingen zijn in volle gang. Het nieuwe landschapshuis moet dan water/wind dicht zijn voor de workshops. Een grote tent voor tussen de 300 – 500 bezoekers wordt opgesteld. Het programma met de sprekers is vastgesteld en de aanmeldingen van bezoekers uit heel Europa komen binnen. Opmerkelijk: tot uit de verste uithoeken van Europa en daarbuiten komen ze naar de Europese Eemland Conferentie. Wat drijft mensen van zover naar hier?
Zijn het de grote namen die het doen? Europees commisaris voor landbouw mevr. Fischer Boel, minister van landbouw mevr. Verburg, oud minister van landbouw Veerman, Gedeputeerde Bart Krol van de provincie of Burgemeester Melis van de Groep uit Bunschoten? Stel dat ze niet komen – maakt dat het verschil?
Of is het meer de ‘beweging’ rond het Veelzijdig Platteland – in het Engels Versatile Countryside – die mensen aantrekt. Samen bouwen aan het ondernemende platteland, waar boer en burger en kennismakelaar met elkaar vorm aan moeten geven.
Het platteland staat onder druk. Wie de bouwdrift aan alle kanten ziet, merkt dat het open landschap schaars wordt. Daarnaast nog de marktwerking in de landbouw die tot mega-stallen leidt of tot stoppende of verdwijnende boeren. Het is in dat dilemma – vergroting of stoppen – waar de Eemlandhoeve een ‘derde weg’ heeft willen maken: boeren die extra taken en functies oppakken. Uit de traditie van de boerencultuur is die verbrede landbouw zo af te lezen: streekproducten, zorg voor natuur en landschap, het leren aan kinderen hoe het groeit en bloeit, een plek voor mensen die niet helemaal mee kunnen in de maatschappij enzovoort. In het Engels heeft landbouw een mooie vertaling: agri – culture. De cultuur rond de landbouw. Wat we met de ‘derde weg’ in de landbouw bedoelen is feitelijk niks anders dan de oude brede opvatting van boeren terughalen. Wel in een (post) modern jasje: het platteland heeft nog zoveel meer te bieden, en daar moet ook voor betaald worden. Streekproducten, educatie, zorg, landschap, biodiversiteit, waterkwaliteit e.a. zijn serieuze producten die het waard zijn een normale beloning te ontvangen. Vroeger zat dat automatisch bij het primaire product inbegrepen. Het nieuwe nu is dat je er gewoon een eigen product van maakt en er een prijs voor betaald.
Volgende week gaan we de oogst van deze 15 jaar ‘derde weg’ van de Eemlandhoeve voor vele Eemlandse, Utrechtse, Nederlandse en Europese mensen vieren. Enkele bijzonder producten zijn nu al te noemen:

  • een prachtig boek Cityside Oasis (in Nederlands/Engels) over 15 jaar Eemlandhoeve ontwikkeling, inclusief de passie/visie/lef
  • een inspirerende film van de founding farmers – Versatile Farmers – waarin naast de Eemlandhoeve ook boeren uit Estland, Portugal en Duitsland geportretteerd zijn
  • een nieuw landschapshuis Eemland met een ‘boerenbios’ en exposities van ons nationaal landschap, zowel reëel als digitaal
  • de onthulling van het kunstwerk European Versatile Countryside als startpunt van de Europese beweging – midden op de rotonde van de Eemlandhoeve
  • verrassende ontmoetingen met denkers, doeners en beslissers op de Europese Eemland Conferentie
    Als u volgende week de vlaggen, de auto’s en vele buitenlandse mensen ziet rondlopen op het terrein van de Eemlandhoeve, weet dan dat 15 jaar in de voorhoede zitten van de ‘derde weg’ van de landbouw, zijn vruchten laat zien!

Uitnodiging.. EEconferentie


De website die ik noemde was overigens fout. Kijk voor meer informatie op: http://www.eeconference.eu

Land- art

Kunst en het platteland.
In de triënnale van Apeldoorn kwamen kunst en landschap bij elkaar. We kennen onze landschapsschilders die prachtige wolken, landschappen, idyllische taferelen of de harde en ruwe bonken van plattelandsmensen uitbeelden. Daarnaast de landschapsarchitecten die tuinontwerpen of hele regio’s in hun architectuur opnemen.
Maar zaterdag 4 oktober was er op de Eemlandhoeve een workshop Land- art. Zo’n kleine 20 kunstenaars kwamen uit het hele land naar de Eemlandhoeve om daar met elkaar aan de slag te gaan. Wonderlijk volk. Creatieve luitjes. Bij de rondleiding op het erf zagen ze reeds allerlei materiaal en de een na de ander begon reeds te trekken aan steenhopen, houtstapels of boerenerfrotzooi. Bijzonder om deze creatievelingen bijna te horen denken: daar kan ik dit mee, of wat kan ik hiervan maken?

Daarna naar het stilte eiland achter de boerderij met het natuurobservatorium voor de weidevogels (’s zomers) en de overwinterende ganzen (s’winters). Op dit eiland mocht men aan de gang. De cursusleider land- art leidde de brainstorm en al gauw gingen paartjes kunstenaars aan de slag. Trekken en slepen met hout, brokken steen, zware palen of kleine stukjes glas, met een schop een slootje graven of met riet een prachtige rietwerk maken.

Als je dan na twee uur terugkomt staat er inmiddels een hele verzameling land- art stukken op het eiland. Elk met een eigen verhaal. ‘Onze’ landschaps fotograaf Jaap van Atten kwam langs om de stukken te fotograveren, en afgesproken werd dat iedere kunstenaar zijn ‘verhaal’ in een aantal zinnen zou aanleveren. Dan krijgen we een woord/beeld verhaal van deze landart sessie.

Ik had op afstand al een keer het Amersfoortse Urban Weijland project gezien waarin kunstenaars ook in het landschap forse kunstobjecten neerzetten. Op de boerderij zelf lopen ook een aantal kunstenaars rond die met hout en steen ook de bomenhenge en de stamtafel van Eemland gemaakt hebben. Ook de landschapsarchitekt en de architekt van de Eemlandhoeve zelf zijn ‘kunstenaars’. Het is boeiend om de wereld van de kunst opnieuw te verbinden met het platteland, met de boerderij. Je doorbreekt het fantasieloze van een moderne architektuur en de voorspelbare inrichting van een erf.
Het is weer de echte agri – cultuur die terugkomt: het culturele element van de zorg en aandacht voor de materialen en de eigen vormgeving van de boerenerven en de boerenstijlarchitectuur. Elk gebied had vroeger zijn stijl van bouwen, erfinrichting en aankleding. Vroeger hadden boeren zelf tijd om daaraan vorm te geven. Nu moeten we dat samen doen. En de kunstenaars zijn geïnspireerd om daar invulling aan te geven.
Mijn vraag hier is: hoeveel boeren staan er open voor om deze bijzondere creativelingen een plek te geven op hun boerderij? En kunnen stadse kunstenaars zich verplaatsen in de cultuur van de agri (landbouw) om iets eigens bij te dragen?

Kennis maken

Donderdagavond 25 september zaten we met een club Kennisluitjes Kennis te maken op de Eemlandhoeve. Mensen vanuit LNV, vanuit de regio’s, vanuit het Netwerk Platteland en vanuit de kenniswereld waren bij elkaar om te zien hoe de Regio Eemland zich qua kennis en innovatie zich organiseert en ontwikkelt. We zijn een project gestart om samen met meerdere regio’s te kijken hoe slimme koppelingen gemaakt kunnen worden tussen kennis en gebiedsprocessen.

op naar een Veelzijdig Platteland!De betrokken regio’s zijn: Eemland/gelderse vallei, Brabant met Beerze reuzel e.a., de Veenkolonien en het Westerkwartier in Groningen. We gaan bezoek in die gebieden en bekijken zo de pareltjes en de hobbels die in dat kennisproces naar voren komen. Je kent inmiddels de centrale figuren die deze kennisprocessen aanzwengelen, maar voor de verbreding is een groep van observateurs en schrijvers nodig die dit analyseren. Vervolgens kan van hieruit de landelijke uitwisseling en ondersteuningsbehoefte geformuleerd worden en dat is de beweging richting het Kennisnetwerk Veelzijdig Platteland dat het Ministerie van landbouw samen met de partners wil vormgeven.
Tot zover de intro.

Even een paar hoofdpunten voor mij
Allereerst, kennismaken is een specifieke act tussen mensen. De menselijke factor is zeer belangrijk. Het zijn mensen die met elkaar de kennis in een gebied maken. Als je ‘ingewijde’ in een gebied bent, weet je precies wie je wat en waarvoor moet hebben. Je kunt nog zo’n goede kennisbasis hebben, maar als de relaties niet deugen, krijg je bijna niets van de grond. Andersom ook: als je goede figuren hebt in een gebied die het met elkaar kunnen vinden, kan er zeer veel gebeuren. De kennis van buiten of van algemenere aard (en dat is vaak het kenmerk van wetenschappelijke kennis) zal pas dan landen als de regio goed voorgesorteerd is.
Ten tweede: kennismaken is ook een vorm van kennis makelen. Kun je de brug slaan tussen de vaak impliciete en latente ‘gewone’ vragen en de specifieke, ‘abstracte’ en qua taal ingewikkelde kennisvoorraad? Dat vraagt schaken op twee borden: je moet een behoorlijke kennis- interesse hebben en tegelijk in de veelomvattender gewone leefwereld kunnen opereren. Mijn ervaring is dat dit schakelproces maar door weinigen gebeurt. Of men zit helemaal in de dagelijkse wereld of men heeft gekozen in de gespecialiseerde wereld van de kenners. Wie zijn de goede ‘kennismakelaars’ in een gebied?
Ten derde: kennis is in onze wereld verankerd in allerlei instellingen en instituties. Een schoolwereld, een onderzoeksinstelling of een hoogwaardig kennisinstituut heeft zijn eigen ‘wereld’ van afspraken, tijdsritmen, agenda’s . Als je als gebied dan vragen hebt die op niet al te lange termijn beantwoord moeten worden, breek je bijna in op die vaste structuren. Het vraagt flexibele mensen, een open cultuur en de bereidheid om grenzen te overschreiden om koppelingen te maken.
Als laatste (en dan stop ik maar): kennis maken is een zaak van ontmoeting, creativiteit, flow van ideeën, een overvloed van opties, experimenteren met mogelijkheden. Je komt hier opnieuw bij de mensen die kennis maken. Breng dan figuren uit verschillende werelden bij elkaar en laten de theorien, praktijksituaties, de scenario’s, de ontwerpen maar komen. Hoe sterker een gebied het lukt om deze creatieve flow aan te boren, hoe meer ze zich kan ontwikkelen. De computerboys wisten dat ( Silicon valley), de creatieve steden strijden om de aanwezigheid van de creatieve classe (The rise of the Creative Class!), laten ook de regio’s Lerende Regio’s worden waar het goed toeven is voor ondernemende figuren, overheden die wat willen en kennismakende lieden!

Inspiratie vanuit Hammerskjold

Zaterdag 13 september was ik in Veendam – Groningen - waar de herdenking was van de 100 jarige geboortedag van Sicco Mansholt. Hij is een van mijn inspirators voor nadenken over landbouw en het beleid daaromheen. Daar kregen we een Europees blad (Eurochoices) waarin teruggeblikt werd op 50 jaar Gemeenschappelijk Europees landbouwbeleid. In dat blad werd de Conferentie van Stresa (Italie) aangehaald waar het gemeenschappelijke beleid begonnen is van 3 – 12 julie 1958. Opmerkelijk in dat artikel is dat er gesproken wordt over de ‘geest van Stresa’ (the Spirit of Stresa). In de Engelse weblog ga ik daar meer op in. Maar hier wil ik inhaken op de rol van inspiratie voor maatschappelijke processen. Het zijn mensen die het verschil maken. En dat verschil hangt samen met het charisma, de spirit van mensen. En deze spirit moet gevoed worden: wie is jou meest belangrijke VIP: Very Inspiring Person.

Wij hadden zondag op de boerderij een kerk uit Amersfoort op bezoek met hun startzondag. Het was gezellig met workshops schilderen, een rondleiding en ik mocht een verhaal houden over een van mijn inspiratiebronnen – de Zweed Dag Hammerskjold. Ik was deze VIP op het spoor gekomen via zijn boekje Merkstenen en een bespreking van de ‘rijpingsteksten’ in dat boekje door Monica Bouman – die op Hammerskjold gepromoveerd is.

Ik vind het boeiend te ontdekken dat zo’n publieke man – hij was secretaris generaal van de Verenigde Naties – een ‘binnenleven’ had dat hij niet kon tonen, maar dat zeer intens aanwezig was. Een van zijn gedichten begint met de regel ‘De langste reis is de reis naar binnen ….’ Hij maakte innerlijk een rijpingsproces door, met het loslaten van onrijpe ego’s, om daar te komen waar hij op zijn plek was. Voor mij is het heel herkenbaar om te ontdekken wat precies mijn plek is in het veranderproces van het platteland. Ook ik heb verschillende ego’s moeten loslaten, om te ontdekken wat precies mijn kracht is. En dan zegt Hammerskjold: dan niet je kracht verbergen uit angst voor anderen of voor jezelf of voor angsten ergens daaronder en niet onder de maat leven.

Dat raakt mij rechtstreeks – jan, ook jij hebt een heel specifiek talent – maar een heel klein stukje uit die oneindige veelheid – maar dat kleine stukje mag excelleren. Vaak ben je er bang voor om dat te doen, en blijf je maar liever steken in de middelmatigheid. In het interview in het boek Cityside Oasis wordt dit verder uitgewerkt.

Maar het is zeer bijzonder om juist deze weg in te slaan. Het is een onbekend land, maar de reis en de ontmoetingen op die reis maken het leven boeiend.

Op het platteland en in het landbouwbeleid is nieuwe inspiratie nodig. We hebben goud in handen als het gaat om de kwaliteiten van leven voor onze burger stedeling. Maar we moeten dat goud wel waard zijn en er niet minderwaardig of middelmatig mee omgaan. Dan is het goed om inspiratie op te doen bij de VIP’s die we om ons heen hebben. Voor mij zijn Mansholt en Hammerskjold beide VIP’s die voor de juiste spirit kunnen zorgen. Ook mogelijk nieuwe spirit kunnen geven op onze EEConferentie in Bunschoten.

Slow Mood Movement

Ben net lekker bij de zoogkoeien geweest om even uit te waaien. Soms heb je even de goede mood nodig om je blog te schrijven. Vandaar.

Afgelopen week bezig geweest met het Landschapshuis. Dat wordt het regionale bezoekerscentrum binnen het Nationale landschap. Meestal zijn het grote clubs die bezoekerscentra hebben zoals Staatsbosbeheer of Natuurmonumenten of de Landschappen. Maar waarom zouden we niet in de Nationale landschappen, waar de boerenondernemers de toon zetten, ook niet zulke bezoekerscentra neerzetten. In ons Nationale landschap Arkemheen-Eemland is het initief gekomen van ondernemende figuren om het concept ‘landschapshuis met gebiedspoorten’ op te zetten. Dat samen met het nationale landschap en daarachter de beide provincies Utrecht en Gelderland. Het buro van de stichting vernieuwing Gelderse vallei coördineert dit.

Daar deze week mee bezig geweest. De subsidieaanvraag is de deur uit. We hebben met een paar figuren zitten nadenken over de inrichting van het landschapshuis. En, we hebben in Kasteel Groeneveld (een van onze gebiedspoorten) met de andere landschapshuizen/ gebiedspoorten zitten nadenken hoe we dat gezamenlijk gaan oppakken.

Wat mij het meest geraakt heeft was het gesprek met Frans ter Maten van Landschapserfgoedutrecht (het LEU – ik moet nog steeds wennen aan die naam!) en Ella Derksen van het Centrum voor Beeldende Kunsten uit Utrecht (CBK). Kern van de vraagstelling was: wat is de boodschap die je aan je stadse buren wilt meegeven van dit Eemlandse boerenland?

Daar kwam de term SLOW MOOD tevoorschijn: naast slow food hier de volgende stap in de ontspanningscultuur de slow mood beweging. In plaats van de voortgezette hectiek van alle dag in de vrijetijdscultuur de slow dow, het komen in een andere mood waarin je weer ontvankelijk wordt, leert genieten, kunt uitademen vanuit diepe schachten van je longen.

In ons gesprek kwamen we ook in deze mood terecht: de ervaring van het polderlandschap waar je met je vader/ opa aan het sloten was (slootjes schonen), en dan kwam moeder langs met eten en zat je met elkaar op het gras, onder de grote open hemel te eten en uit te rusten. Of: als een kalf geboren wordt, dan even geen drukte, volledige gerichtheid op de geboorte – ademloos – en dan het bijzondere samenspel van een persende koe en de trekkende boer. De opluchting van de geboorte. Laatst gebeurde dat in de stal, terwijl vergadermensen van Achmea er rondom stonden. Doodstil was het. Geboorte ging goed- heb ze ook uitgelegd dat het fout kon gaan – wees voorbereid. En toen het kalf geboren werd: applaus en flitsende lichtjes van al die mobieltjes.

Maar even terug naar de vraag: hoe breng je jachtige stadsmensen weer in deze slow mood? We hebben de grond verkent waaruit verschillende planten kunnen groeien. Een potentiele vrucht werd al benoemd: de inboeringscursus. Stel je voor: onze nieuwe Vathorstburen kunnen een inboeringscursus volgen op de Eemlandhoeve. Of: het grote landmark van Amersfoort richting Eemland: La Balise – de bewoners komen leren dat ze mijn kalvende koeien in de gaten houden en als het zover is – mee helpen te laten kalven!
Inmiddels heb ik voor het nieuwe landschapshuis al de opdracht gegeven of we niet een openhaard of een lekkere houtkachel in kunnen bouwen. Kijkend in de vlammen kom ik in vaak in een bijzondere slow mood terecht. Zou dat ook voor anderen gelden?
Hgroet, jan huijgen

Actief worden in de digitale wereld!

Merkwaardig dat er verschillende ‘werelden’ zijn waar je in opereert. De echte boerenwerkelijkheid van grasmaaien, koeien verweiden, een stier die naar de slacht moet en bouwerij waar een kelder in een week in de grond wordt gezet – het Landschapshuis.

Daarnaast de sociale wereld van voorbereiding op de Europese Eemland Conferentie (EEC) met de Eurocommissaris voor Landbouw Mariann Fischer Boel en alle toeters en bellen daaromheen. Ik zal daar in volgende blogs meer over zeggen.

En daarnaast dan nog de virtuele werelds van blogs, discussiefora, internetstrategieen die inmiddels ook een eigen wereld aan het vormen zijn en waarin ik uitgenodigd ben ook in te gaan opereren.

Zal nog best even wennen zijn om ook deze wereld te betreden, maar: het begin is er!

Ik vind het ook wel leuk om zo even op een directe manier van je af te praten. Verassend of er iemand leest/luister, maar dat zien we wel.

Ik zal alle drie werelden blijven verbinden – ik ben en blijf boer die met dieren om gaat, die als plattelandsondernemer nieuwe activiteiten ontwikkel, die letterlijk af en toe de schop in de grond moet zetten om de weerbarstigheid van de aarde te voelen – om niet verheven te worden in allerlei denkwerelden.

Daarnaast – ik verlang naar een nieuwe beweging op het platteland in samenhang met de stad – stadteland- die de vele kanten van het platteland opnieuw vorm geeft. De uitdrukking ‘veelzijdig platteland’ is daarvan de vrucht en we zijn dat nu op allerlei mogelijke manieren aan het vorm geven. Dat we dat zowel op regionaal, nationaal en nu ook op Europees nivo aan het ontwikkelen zijn, maakt het uitermate boeiend. De EEConferentie is een kristallisatiepunt van deze nieuwe maatschappelijke beweging- ik kom hierop terug.

Om hier virtueel ook meer mee te gaan doen is van deze tijd. Ik zie mijn kinderen volop opgroeien met moderne manieren van communiceren – msn, hyves, complete internetsites bouwen met alle toeters en bellen eromheen (mijn oudste zoon) e.a. Het is bijzonder om dit communicatiemedium te benutten. Voor mij is het vaak nog veel gezwets, maar als we echte inhoud kunnen verbinden met deze nieuwe media – dan kan het echt wat opleveren!

Ik wil naast de Nederlandse blog ook een Engelse blog maken om zo ook de Europese en internationale connecties verder vorm te geven. De EEConferentie is hoofdzakelijk Europees ingestoken, zal ook in het Engels plaats vinden (met een Nederlandse Multifunctionele Ondernemersschapsdag aan het eind) en vandaar de evenknie in het Engels (met wat andere inhoud).

Tot slot van deze blog: ik blijf de combi houden van de praktische boer/plattelandsondernemer en de wat beschouwelijke filosofische houding. Dat is de aard van het beestje dat Jan heet. Dus bloglezers: neem af en toe even de afstand om dit met plezier mee te maken.